Opgelicht (juni 2004)

Makelaar Rob wordt benaderd door Saskia, die graag tijdelijk een woning wil huren in de buurt van haar nieuwe werkgever. Die werkgever zal, zodra zij een woning gevonden heeft, de huurovereenkomst met de verhuurder aangaan. Alvorens aan de slag te gaan vraagt Makelaar Rob een uittreksel handelsregister van de werkgever, een legitimatiebewijs van de bevoegde persoon bij deze werkgever en de gegevens van Saskia zelf. Alle gegevens worden verstrekt.

Na enige tijd vindt Makelaar Rob een geschikt pand voor Saskia. Het is een volledig gemeubileerde woning dichtbij haar werk. Nadat Saskia heeft aangegeven dat zij akkoord is met de woning, maakt makelaar Rob de huurovereenkomst op. Deze wordt eerst ondertekend door de verhuurders. Saskia neemt vervolgens de huurovereenkomst mee naar haar werkgever voor ondertekening.

Nadat Makelaar Rob de door alle partijen getekende huurovereenkomst ontvangt, controleert hij de handtekening van de werkgever met het door hem ontvangen legitimatiebewijs. De eerste maand huur en de borgsom worden door de werkgever van Saskia stipt op tijd betaald, zodat de woning kan worden betrokken. Nadien wordt er geen enkele betaling meer gedaan en blijkt Saskia met de noorderzon vertrokken.

De verhuurders starten een procedure tegen zowel de werkgever van Saskia (als huurder van de woning) als tegen Saskia zelf. Tijdens de procedure blijkt de handtekening van de werkgever vervalst. De kantonrechter oordeelt daarom dat er geen huurovereenkomst tot stand is gekomen. Toch meent de rechter dat, gelet op de bemoeienissen die Saskia heeft gehad bij het aanhuren van de woning, zij de schade moet voldoen.

Onvoldoende gecontroleerd

Wat heeft dit alles nu met makelaar Rob te maken? Welnu, Saskia biedt geen enkel verhaal en nu hebben de verhuurders makelaar Rob aangesproken voor deze kosten, omdat hij onvoldoende zou hebben gecontroleerd of de handtekening wel afkomstig was van de juiste persoon. Makelaar Rob heeft de handtekening wel vergeleken met de handtekening op het legitimatiebewijs, maar daarbij is het hem niet opgevallen dat deze handtekening vervalst was. Dat dit ook moeilijk was te zien blijkt wel uit het feit dat de kantonrechter een deskundige heeft moeten raadplegen om te constateren dat de handtekening inderdaad was vervalst. Mede gelet op de overige omstandigheden zal de zaak van Makelaar Rob wel goed aflopen.

Problemen met het opgeven van een valse identiteit komen niet alleen voor in de makelaarswereld, ook verzekeraars en banken hebben er mee te maken. Vandaar dat deze over het algemeen in hun samenwerkingsovereenkomst met assurantietussenpersonen hebben opgenomen dat de adviseur de identiteit van de cliënt dient vast te stellen. Hij dient de handtekening en de identiteit van de cliënt zorgvuldig aan de hand van een geldig origineel legitimatiebewijs te controleren. Vervolgens moet er een kopie worden gemaakt van het legitimatiebewijs. Op de kopie dient de tussenpersoon zijn handtekening te plaatsen, waarmee hij verklaart dat de kopie overeenkomt met het origineel.

Ook een goede tip voor makelaars.

Mr. Florie J. Zijp-Keuning, BAVAM

De namen zijn zoals altijd gefingeerd

Uit: BAVAM Balans nummer 2, jaargang 5

Praktijkvoorbeelden