Kostbaarheden met een crimineel verleden (september 2004)

Assurantietussenpersoon Albert Jansen werd door de lieftallige Monica Diamant verzocht te bemiddelen bij het tot stand komen van een kostbaarhedenverzekering voor haar sieraden. Uiteindelijk werd de verzekering ondergebracht bij Rivierenland. Voor het invullen van een aanvraagformulier riep Monica de hulp in van Albert. Albert vulde het formulier in. De vragen nam hij één voor één door met Monica. Aanbeland bij de vragen over het strafrechtelijk verleden,voelde Albert zich enigszins gegeneerd. Monica was zo’n aardige dame. Zo iemand kon toch helemaal geen strafrechtelijk verleden hebben? Albert kruiste - zonder er verder bij na te denken en zonder te overleggen met Monica - ‘nee’ aan. Door aanschaf van nieuwe sieraden liep de verzekerde som op de kostbaarhedenverzekering op tot zo’n € 125.000,-.

Op een kwade dag vertelde Monica aan Albert dat alle sieraden gestolen waren. Albert stelde haar gerust: de sieraden waren immers goed verzekerd. Maar dat bleek toch anders te liggen. Rivierenland stelde een onderzoek naar de diefstal in en kwam erachter dat de lieftallige Monica een uitgebreid strafblad had. Zij had de vraag naar het strafrechtelijk verleden destijds dus zonder meer met ‘ja’ moeten beantwoorden. Door Rivierenland werd een beroep gedaan op artikel 251 WvK.

In een civiele procedure sprak Monica zowel Rivierenland als Albert aan. Immers, indien Rivierenland een beroep op artikel 251 WvK zou toekomen, dan zou Albert tot betaling moeten overgaan omdat hij de vraag met betrekking tot het strafrechtelijk verleden niet aan Monica had gesteld en zonder meer ‘nee’ op het aanvraagformulier had ingevuld. De rechter gaf Monica op dit laatste punt geheel gelijk.

Rivierenland mocht zich van de rechter inderdaad beroepen op artikel 215 WvK, doch Albert ging niet vrijuit. Aan zijn verweer, dat gelet op het strafrechtelijk verleden van Monica geen enkele verzekeraar het onderhavige risico zou hebben geaccepteerd, ging de rechter voorbij. Namens Albert diende BAVAM de schade van Monica geheel te vergoeden. Het in hoger beroep gaan van het vonnis van de Rechtbank bij het Hof deed hieraan niets af. Het beroep loopt overigens nog steeds.

Uit het bovenstaande blijkt hoe belangrijk het is om een aanvraagformulier goed in te vullen. Alle vragen dienen aan de klant te worden gesteld, door de klant te worden beantwoord en te worden genoteerd, hoe pijnlijk ze ook mogen zijn. Vanzelfsprekend wordt het aanvraagformulier door de klant zelf ondertekend.

Mr. Loes van Eyk, BAVAM

De namen zijn zoals altijd gefingeerd.

Praktijkvoorbeelden